Verslag: 9 juni 2016 - Excursie herkenning wilde planten

Op 9 juni jl. hebben leden van de IVN- plantenwerkgroep onder 2016 09 06 herkenning wilde planten 06Even opzoekende deskundige leiding van Rob Vereijken, planten gedetermineerd in Tilburg.

We maakten een wandeling door Moerenburg vanaf de parkeerplaats naast café Zomerlust in de Oisterwijksebaan en langs de kanaalbrug van het Wilhelminakanaal.
Tijdens de wandeling werd er aandacht besteed aan het herkennen van planten, waarbij het herkennen van plantenfamilies centraal stond.
Allerlei planten in bermen, sloten en schrale terreinen werden bekeken.
Om de samenvatting overzichtelijk te houden, gebruik ik de tabel, die we van Rob op deze avond hebben ontvangen, met de indeling van plantenfamilies.

In een klein stukje berm treffen we de meest voorkomende grassen aan.

Grassenfamilie

Sommige kenmerken bevinden zich aan de stengel en het blad, andere aan 2016 09 06 herkenning wilde planten 01Rob Vereijken (links) geeft uitlegde bloem en aan de bloeiwijze. Op de overgang tussen bladschede en bladschijf is vaak het tongetje te vinden.

Geslacht: Beemdgras (Poa)

  • Veldbeemdgras (Poa pratensis) veel gebruikt wordt voor de inzaai van gazon- en sportvelden. Veldbeemdgras is een vaste plant, die een dichte zode vormt.
    Kenmerk: het blad is vrij kort. Bij veldbeemdgras lopen twee lichte lijnen langs de hoofdnerf van het blad en vormen zo een soort spoorlijntje.
  • Ruw beemdgras (Poa trivialis) Deze soort groeit op allerlei plaatsen, vooral op vochtige grond, in graslanden en wegbermen. Ongemaaid kan het ongeveer 1 meter hoog worden. 
    Kenmerk: lang tongetje, ruwe bladschede en langer blad.
  • Straatgras (Poa annua) is een eenjarige, soms tweejarig en in een enkel geval overblijvend beemdgras dat niet hoger wordt dan 25-30 cm, maar meestal veel kleiner blijft.  Straatgras kan in een paar weken uitgroeien tot een bloeiend polletje.
    Kenmerk: Het tongetje is melkwit en relatief lang voor dit kleine beemdgrasje

Geslacht: Struisgras (Agrostis)2016 09 06 herkenning wilde planten 02Straatgras

  • Gewoon struisgras (Agrostis capillaris) In het wild groeit gewoon struisgras niet alleen op vochtige plekken, maar ook in weilanden, in wegbermen en in het bos. Ook komt het voor op ietwat zure gronden van heide en veengebieden. Tijdens droogte blijft gewoon struisgras lang groen. Daarnaast is het één van de belangrijkste grassoorten voor gazons en is het zeer goed geschikt voor de greens van golfvelden.
    Kenmerk: De aartjes zijn allemaal gelijk. Het lemma (schutblad) is ongenaald of met een korte naald nabij de top. Heeft een klein vliezig tongetje.
  • Gestreepte witbol (Holcus lanatus) een wilde, vaste plant , die een dichte zode kan vormen. De gestreepte witbol komt voor langs wegen, in grasland, in vochtige duinvalleien, in bos, op onbebouwd terrein en dijken.
    Kenmerk: zowel het blad als de stengel zijn zacht behaard. Heeft een tongetje. Onderaan de stengel is deze roze wit gestreept (als een pyjama)
    2016 09 06 herkenning wilde planten 03Gehoornde klaverzuring

Geslacht: Gerst (Hordeum)

  • Kruipertje (Hordeum murinum) ook wel muizengerst genoemd, is een wilde eenjarige of vast plant. De soort komt algemeen voor op voedselrijke gronden langs wegen en op muren. In de stad groeit de plant tussen straatstenen en stoeptegels. 
    Kenmerk: helder lichtgroene bladeren, zijn kaal of zwak behaard, door de haakjes kan het grasje maar één kant op kruipen, vb. in je mouw.

Geslacht: Dravik (Bromus)

  • Zachte dravik (Bromus hordeaceus) Zachte dravik is een eenjarige plant met rechtopstaande stengels die tot 1 m hoog kan worden. Zachte dravik komt op veel plaatsen voor, zoals bouwland, 2016 09 06 herkenning wilde planten 05Veenwortel (watervorm)grasland, bermen en braakliggende grond.
    Kenmerk: Het tongetje is ongeveer 1 mm breed.
         

Geslacht: Zwenkgras (Festuca)

  • Gewoon roodzwenkgras (Festuca rubra) Roodzwenkgras kan goed tegen schaduw en groeit goed op zowel kleigrond als op arme, droge zandgrond.                                                                                        Kenmerk: De bladschede is meestal behaard en het tongetje is ongeveer 0,2 mm breed.

Geslacht: Kropaar (Dactylis)

  • Kropaar (Dactylis glomerata) is een pollenvormende soort2016 09 06 herkenning wilde planten 04Kruipertje, Muizengerst die voorkomt in graslanden en aan wegbermen. Het is een minder smakelijk en voedzaam weide- en hooigras dan Engels raaigras. 
    Kenmerk:  het tongetje is tot 12 mm lang en is min of meer driehoekig.

Geslacht: Kweekgras (Elytrigia)

  • Kweek (Elytrigia repens) een plant die op veel plaatsen voorkomt, vooral op voedselrijke grond en zelfs op zilte grond. 
    Kenmerk: Het groene, grote en vlakke blad heeft een 0,3 mm breed tongetje op de overgang van bladschijf naar bladschede. Heeft lange kafnaalden.

Geslacht: Raaigras (Lolium)

  • Engels raaigras (Lolium perenne) Het gras heeft in niet doorgeschoten 2016 09 06 herkenning wilde planten 07Knoopkruidtoestand een hoge voederwaarde en het is goed bestand tegen betreding door mens en dier. Het wordt ingezaaid in weilanden, voetbalvelden en speelgazons.
    Kenmerk: Het blad is lichtgroen, onbehaard en vettig glanzend. Het tongetje is ringvormig en tot 2 mm hoog.
  • Italiaans raaigras (Lolium multiflorum) is een tweejarige plant. Italiaans raaigras komt oorspronkelijk uitLombardije in Italië en is voor het eerst in het begin van de negentiende eeuw in Schotland ingevoerd. De plant wordt 30 tot 180 cm hoog en vormt een minder dichte zode dan Engels raaigras. 
    Kenmerk: De gladde stengels staan rechtop. De bladeren zijn in de schede nog opgerold (bij Engels raaigras gevouwen) en aan de bovenkant een klein beetje ruw. Op de overgang van bladschijf naar bladschede zitten een tongetje en oortjes. Het tongetje is tot 1,5 mm lang en zoomvormig.

Geslacht:  Arrhenatherum

  • Gewone glanshaver of Frans raaigras (Arrhenatherum elatius) De soort komt veel voor langs wegen en dijken en in hooiland, vooral op kleigrond.
    Kenmerk: De stengels zijn glad en glanzend. Het tongetje is tot 3 mm2016 09 06 herkenning wilde planten 08Kraailook lang en aan het einde afgerond.

Geslacht: Phragmites

  • Riet (Phragmites australis) De plant is prominent aanwezig aan waterkanten. Riet breidt zich op drie manieren uit: door zaad, door wortelstokken en door uitlopers, dat wil zeggen horizontale stengels waarbij op de knopen een nieuwe plant ontstaat.
    Kenmerk: Op de grens van de bladschede en de bladschijf zit een tongetje in een krans van haartjes.

Geslacht: Kanariegras  (Phalaris)

  • Rietgras (Phalaris arundinacea) De plant komt voor op vochtige tot natte, 2016 09 06 herkenning wilde planten 09Vijfvingerkruidvoedselrijke grond aan waterkanten en moerasbossen.
    Kenmerk: De aan de randen ruwe bladeren zijn breed en rietachtig. De bovenste bladschede is niet opgeblazen. Het iets ingesneden vliezig tongetje is lang en min of meer stomp. De duivelsbeet zit aan het eind van het blad.

Verder treffen we in de bermen en langs het kanaal aan:

Composietenfamilie
Knoopkruid, Klein streepzaad, gekroesde melkdistel(gekroesd blad), scherpe boterbloem (bij het middelste blad ontbreekt het steeltje), kruipende boeterbloem (kantige stengel, middelste blad met steeltje), knoopkruid, bezemkruiskruid ( komt oorspronkelijk uit Zuid-Afrika maar is met de wol in 1939 voor het eerst in Tilburg waargenomen. Nu een enorme verspreiding via wegen en spoor. Dit is een invasieve soort)
Kenmerk: heel veel composieten hebben melk

Duizendknoopfamilie2016 09 06 herkenning wilde planten 10
Veenwortel, krulzuring, ridderzuring, veldzuring.

Vlinderbloemfamilie
Ringelwikke (heeft een klein wit bloemetje en peul met twee zaadjes), Vergeten wikke (paars bloemetje, lange peulen, dit is de meest gangbare wikkesoort), Vogelwikke (vruchtjes hebben de vorm van een pootje van een vogeltje)
Hazepootje (geslacht; klaver), Kleine klaver (geslacht; klaver. Heeft een ronde stengel en het hoofdje is een tros die gaat hangen, de blaadjes zijn licht gepunt)
Hopklaver (geslacht; rupsklaver Kenmerk; heeft een puntje aan de top van het blad en grote trosvormige bloempjes)

Rozenfamilie
Vijf vingerkruid (gele bloem, de rozet bladeren zijn handvormig samengesteld, vijftallig of soms zeventallig)

Lookfamilie
Kraailook (zie foto Wim)

Sterbladigenfamilie
Moeraswalstro (op iedere knoop staan meestal 4 (soms 5of 6) bladeren in een krans, de blaadjes hebben geen puntjes)

Kruisbloemenfamilie
Gewone raket ( Door de vertakkingen doet de raket aan een kandelaar denken)

Ooievaarsbekfamilie
Zachte ooievaarsbek (zachte ooievaarsbek heeft korte en lange haren op stengel, bladsteel en bloemsteel)
Kleine ooievaarsbek (heeft korte haartjes op de stengel en bladsteel)

Helmkruidfamilie
Knopig helmkruid

Vetplantenfamilie
Muurpeper (de naam peper is afgeleid van de scherpe smaak van de bladen)

Klaverzuringfamilie
Gehoornde klaverzuring (het plantje is de laatste jaren in opmars in stedelijk gebied, De plant is klein, kruipend en heeft groene bladeren die vaak bruin tot paars gekleurd zijn)

12 families zijn de revue gepasseerd, waarvan de grassenfamilie, de composieten en de vlinderbloemfamilie in de meerderheid waren.

Om met de woorden van Wim te spreken; Het was een geslaagde en leerzame avond.


Tekst: Elly Aarts.
Foto's: Wim Schoenmakers