Vogel van de maand: juli/augustus 2020

Wielewaal  (Oriolus oriolus)
foto Wielewaal Marie Jose Verbeeten 1De zang van de  wielewaal is prachtig! Bekender dan de vogel zelf, wordt gezegd. Het heeft voor mij even geduurd (52 jaar….) voor ik het geluid van de wielewaal live mocht horen in het voorjaar van 2018. Wat een prachtig exotisch geluid. In het tropisch regenwoud waande ik me. Waar liep ik rond? Nou, gewoon bij het Belversven…..

De wielewaal is een zangvogel en de enige uit de familie van wielewalen (Oriolidae) die in gematigde zone van Europa voorkomt. Zij houden van  bosranden en open plekken in hun broedgebied en mijden grote, aaneengesloten bossen. Ze vliegen niet graag over grote, open ruimtes en gebruiken in halfopen landschappen vooral lanen, hoge bomen om in naburige bospercelen te komen. Hun vlucht lijkt op die van een lijster, zeker over langere afstanden waarbij ze een lichtgolvend patroon laten zien.

Vogel van de maand: mei/juni 2020

Roerdomp (Botaurus stellaris)

roerdomproerdomp
Roerdompen zijn moeilijk ’op bestelling’ te zien; je hebt wat geluk nodig. Op 19 april 2020 stond een excursie gepland met de VWG naar de visvijvers in Valkenswaard. Door Corona kon deze niet doorgaan, maar een individuele excursie met mijn broer Mari kon wel. We hadden geluk, we zagen wel vier roerdompen op de visvijvers. Op de visvijvers zijn 7 of 8 vastgestelde territoria. Dit betekent niet dat er 14 of 16 roerdompen zijn in dat gebied. Je kunt niet van broedparen spreken bij een roerdomp, omdat een man tot wel vijf vrouwen kan hebben.
 
Omdat de vrouw alléén de zorg draagt voor het nest, moet ze op korte afstand van het nest voldoende voedsel kunnen vinden voor haar jongen. Als de jongen groter zijn, maakt ze voedselvluchten tot wel 2 kilometer. Als het mannetje slechts één vrouwtje heeft, helpt hij haar soms.

Vogel van de maand: maart/april 2020

Groenling (Chloris chloris)

Groenling1groenlingOm te beginnen was de groenling voor mij een fantastische ontdekking toen ik die voor het eerst zag. Musjes, meesjes, roodborst en dergelijke kende ik allemaal maar de groenling vond ik heel bijzonder. Met zijn mooie groene en gele kleuren en ook mede vanwege zijn/haar karakter. Onverstoorbaar een zonnebloempit ontleden met een prachtige techniek op de vindplaats zelf, daarna rustig opeten en dan kalmpjes aan de volgende beginnen, prachtig. Zeker als je ziet hoe de koolmees en nog sterker de pimpel het doet, gehaast, snel naar een veiliger plek, alert om zich heen kijkend, gehaast de pit openhakken en weer door…… De groenling is  een exotisch aandoende, groen/gele vogel, sterk, trots, mooi om te zien. (maar oké, welke vogel is dat niet als je goed kijkt.…..) .Het geluid kan ik omschrijven maar er zelf naar luisteren lijkt me effectiever. Als je het geluid eenmaal kent, hoor je het overal om je heen in het voorjaar, een beetje onsamenhangende zang met trillers en kwetterelementen en een langgerekte, rauwe slottoon, heel kenmerkend voor de groenling. 

Vogel van de maand: januari/februari 2020
door: Titia van Heusden

Kleine zwaan (Cygnus columbianus bewickii
kleineZwaan2Kleine zwaan
In de winter zijn veel vogels stil. Er wordt weinig gezongen, voor de meeste vogels is dit een periode van overleven. En een groot aantal vogels is naar het zuiden van Europa of naar Afrika vertrokken.  Maar gelukkig komen ook vogels uit noordelijk gelegen gebieden, zoals Scandinavië en Siberië naar Nederland toe om te overwinteren. Een van deze soorten is de kleine zwaan. En deze zwanen kunnen er vrolijk op los toeteren. De kleine zwaan is een ondersoort van de fluitzwaan, de wetenschappelijke naam luidt Cygnus columbianus bewickii.
De fluitzwaan is een soort die in Noord-Amerika voorkomt. De bekendste zwaan in Nederland is de knobbelzwaan met de grote oranjerode snavel. Deze is hier jaarrond aanwezig. 
In de winter komen uit het noorden de wilde en kleine zwaan erbij. Deze soorten hebben een zwart met gele snavel. De kleine zwaan broedt niet in Nederland, de wilde zwaan broedt in Noord-Nederland met 2 paartjes.

Vogel van de maand: november/december 2019
door: Hannie Nilsen

Klapekster (Laniare en excubare )

klapekster4klapekster

Laniare en excubare, Latijnse woorden die  ‘lelijk toetakelen en waakzaam zijn’ betekenen. Maar wat hebben deze Latijnse werkwoorden te maken met de vogel van de maand, de klapekster?  Eigenlijk alles want niet alleen geven ze deze vogel zijn Latijnse naam ’Lanius excubitor’, ze vertellen meteen ook iets over zijn gedrag. Lelijk toetakelen is namelijk precies wat hij doet met zijn prooi. De klapekster is een uitgesproken vleeseter.  Muizen, hagedissen, kikkers, insecten en kleine zangvogels staan allemaal op zijn menu.
Biddend in de lucht jaagt hij op deze prooien die hij vervolgens op een stevige doorn of een stuk prikkeldraad spietst. Daarna wordt de prooi met grof geweld uit elkaar gerukt en opgepeuzeld. Vaak leggen klauwieren zo een voorraadje voedsel aan. Als je ’s winters een doornige struik of een stuk prikkeldraad ontdekt met daarop gespietste prooien, kun je er bijna vanuit gaan dat er een klapekster in de buurt is.