Zoogdier van de maand mei en juni 2018; Chinese muntjak

De Chinese muntjak – een blaffend hertje

Bent u de muntjak wel eens tegengekomen? Buiten de dierentuin is die kans is niet zo groot. Maar sinds 1998 worden er in ons land waarnemingen van dit dier opgetekend.

De muntjak is een soort hert. Kleiner dan het ree en bijzonder schuw. Hij maakt een blaffend geluid waardoor je niet direct het idee hebt met een muntjak van doen te hebben. In tegenstelling tot het ree heeft een muntjak donkere gezichtsstrepen en kleine slagtanden. Verder ontbreekt de voor het ree kenmerkende witte spiegel op het achterwerk.

Muntjak

De muntjak komt uit het verre oosten (China; Taiwan) en kan dus niet op eigen kracht onze streken bereiken. Als we het beestje hier in de vrije natuur tegenkomen gaat het dan ook om exemplaren die zijn ontsnapt uit gevangenschap en hun nakomelingen. Het aantal waarnemingen is nog zo klein dat het niet waarschijnlijk is dat het dier zich definitief heeft gevestigd in onze streken. Dit in tegenstelling tot Groot-Brittannië. Hier is de soort al meer dan 100 jaar geleden ingevoerd en bestaat de populatie inmiddels uit meer dan 100.000 dieren. Deze populatie is niet meer uit te roeien maar hooguit nog te beheersen. In Nederland gaat het naar verwachting om minder dan 100 dieren.

In onze provincie wordt de muntjak sporadisch gezien op Landgoed de Utrecht. Ook in de Loonse en Drunense Duinen schijnt hij gezien te zijn. Zelf denk ik het beestje een keer te hebben gezien in de Brand. De Faunabeheereenheid in Noord-Brabant vermoedt een instroom van deze dieren vanuit België.

De zoogdierenvereniging waarschuwt: ‘Wanneer muntjaks lokaal hoge dichtheden bereiken, kunnen ze grote schade veroorzaken aan bosbouw, boomkwekerijen en tuinen. In natuurlijke bossen heeft de soort een merkbaar schadelijk effect op de verjonging. Daarnaast eten ze van zeldzame bodemflora, tasten ze het habitat van nachtegalen en andere bosvogels aan en treden ze in voedselconcurrentie met (inheemse) reeën’.

Hoewel de kans op schade vooralsnog klein is wordt er in Noord-Brabant het zekere voor het onzekere gekozen. Met afschot wordt geprobeerd de opbouw van een stabiele populatie te voorkomen.

Tot slot nog een taalkundig aardigheidje. Het waren de Nederlanders die dit kleine hert de naam Muntjak gaven; een naam die zij ontleende aan de Soendanese naam Mencek? En die Nederlandse naam kwam vervolgens terecht in de wetenschappelijke naam van het beestje (Muntiacus Reevesi) en daarmee in vrijwel alle andere talen zoals het Engels en het Frans (Muntjac) en het Zweeds en het Noors (Muntjaker)?

Rob Wolfs, lid zoogdierenwerkgroep IVN Oisterwijk

bronnen: Zoogdiervereniging en provincie Noord-Brabant